Archive for June, 2008

…toch niet

Thursday, June 26th, 2008

Eigenlijk wil ik het nu niet uitgebreid over voetbal hebben. Dat doet nu toch te veel pijn. Afgelopen week had Italië zich tegen de Fransen hervonden en overtuigend gewonnen. Italië leeft nog, we geven het nog niet op! Even gloorde er hoop en zag je op straat de lach op de gezichten weer terugkomen.

Nog geen week later is het voorbij en zijn we door de Spaanse stier als een slechte matador in de hoek gedrukt. Weg is die glimlach op de gezichten. Italië weent, een wereldkampioen vernederd.

Zelf zit ik er niet zo mee en weet ik zaken wel weer te relativeren, dit in tegenstelling tot mijn broer. Voetbal is zijn passie, zijn leven. Wat ik heb met vrouwen en lekker eten heeft hij met dat spelletje. Maar toch voel ook ik die teleurstelling en moet ik me net iets meer als anders er toe zetten gewoon weer aan het werk te gaan.

“Moet die olijf rechts op het terras komen” hoor ik in de verte de tuinman zeggen. Ik leg deze week de laatste hand aan het terras. De wereld draait ook na het voetbal debacle gewoon door, ook die van mij.

Italië is door!

Friday, June 20th, 2008

We hebben de Fransen opgerold met 2-0. Toen Ribery zichzelf blesseerde, wist ik meteen dat we goed zaten. En nadat wij een penalty kregen en zij een rode kaart, heb ik een flesje rosé geopend. Zo’n wedstrijd hadden we nodig na de 3-0 vernedering tegen de Hollanders. Gelukkig heeft Nederland de Roemenen ook verslagen, dus nu kon ik een bedank SMS’je sturen naar Sabrina, omdat we door zijn naar de kwartfinales. Dankzij Nederland, wat een ironie.

Het bedank-SMS’je aan Sabrina smaakte veel zoeter dan het verbitterde telefoontje dat ik met haar voerde na die afschuwelijke afslachting. Gelukkig vertelde Sabrina dat haar vriend Kees nu al weer bang is om ons in de halve finale opnieuw tegen te komen. Zo hoort het: tegenstanders moeten Italië vrezen, wij zijn niet voor niets de regerend wereldkampioen.

Ottavia zegt dat ik voetbal te belangrijk vind. “Luca Toni is toch ook nog een mooie jongen als er verloren is?” Ondertussen heeft ze voor onze Lucca wel een Italië-shirtje en voetbalsokjes gekocht. Die moet hij aan op de dag van de wedstrijd, anders brengt het ongeluk, volgens haar.

Op wedstrijddagen draagt ze standaard haar sportschoenen en eten we altijd een gerecht met olijven, een traditie in haar familie sinds Italië in 1982 wereldkampioen werd. Bovendien zit ze elke wedstrijd in onze grote, bruine fauteuil, want dat is de geluksstoel.

En dan vind ik voetbal iets te belangrijk… Het zal wel. Maar wat mij betreft houdt ze haar gebruiken in stand, want we kunnen geen risico’s nemen tot en met de finale.

Nederl… aag

Saturday, June 14th, 2008

Wat een ramp! Kees is een groot voetbal fan en Nederlander en mijn broer is net zo’n grote fan, maar Italiaan. Ik heb weken lang mijn vingers gekruist gehouden, elke zwarte kat gemeden, geen oranje kleren aangetrokken, maar ook geen groen, rood, wit combi’s en gebeden tot Mariadonna om een gelijkspel. Bij elke andere uitslag zou ik een vervelende week tegemoet gaan. En een vervelende week was het.

Ik hang net de telefoon op. Het was Emilio. Ik heb hem 3 dagen proberen te bereiken, maar kreeg hem vanavond pas te pakken. Wat zijn problemen ook waren die ik op moederdag bij hem dacht waar te nemen, ze worden overschaduwd door het voetbal drama.

“Kom alsjeblieft naar huis voor een paar dagen” Smeekte hij met net door de telefoon. “Nederland is nu even geen land om te zijn als Italiaan”. Het huilen stond hem nader dan het lachen. Voetbal is voor Italiaanse mannen het hoogste goed.

“Jouw Kees heeft ons vernederd!”
“Vernederd! Inderdaad! Zie het maar als onze wraak voor de onterechte winst in de halve finale van 2000″ sneerde ik hem toe. En met die woorden besefte ik voor het eerst dat ik meer Hollander ben dan ik dacht. Emilio was het ook niet ontgaan! Teleurgesteld hing hij op. Ik zal blij zijn als Italië van Frankrijk wint! Misschien dat we dan eens over zijn echte problemen kunnen praten.

Op glad ijs

Monday, June 2nd, 2008

Vertelde ik laatst met veel bravour dat ik met mijn broertje zou gaan stappen? Vergeet het maar! Weer heeft Ottavia de touwtjes verder aangetrokken en trok Emillio aan het kortste eind.

Toen ik hem laatst zag tijdens moederdag kon je de strop om z’n nek haast zien zitten. Zijn gelaat was grauw als een regenachtige zondagmiddag en de wallen onder zijn ogen waren zo groot dat ik er een glas rosé op zou kunnen zetten. Vast staat in ieder geval dat Emillio wel eens betere tijden gekend heeft.

Dat ik die middag veel tijd met Ottavia heb doorgebracht heeft ook niet veel geholpen vrees ik. Zij vormt het absolute tegenovergestelde van Emillio momenteel. Wat een vrouw; zo zelfverzekerd als ze vanuit de keuken op mij af komt lopen. Die stralende glimlach doet alles in de huiskamer oplichten, zelfs de kleuren van het behang lijken ineens niet meer zo flets. Het is altijd een genot om met haar te praten over van alles en nog wat.

“Zeg Umberto, wanneer krijg ik die leuke Fiat 500 van jou eens van dichtbij te zien?” vraagt ze uitnodigend. “Wat mij betreft binnenkort” hoor ik mijzelf zeggen. Voor een moment kruist mijn blik die van mijn moeder en kijkt ze mij streng aan.

Goed dat was dus een week of twee geleden. Ik moest daar vandaag aan denken toen ik Ottavia’s mobiele nummer intoetste en haar uitnodigde om eens gezellig langs te komen. Ze had direct enthousiast gereageerd. “Gezellig dan neem ik een lekkere rosé mee, zorg jij voor een bijpassende maaltijd?” Nog even zie ik in gedachten die strenge blik van mijn moeder.